Thema SNK
 



Thema 3

Dražen Budiša

AKTUELE MAATSCHAPPELIJKE EN POLITIEKE SITUATIE IN KROATIË

De belangrijkste vraag waarom alles draait in Kroatië en Bosnië en Herzegovina, is de vraag van oorlog en vrede en het perspectief voor de beëindiging van de oorlogshandelingen in beide staten. Want zolang er in dat gebied geen rechtvaardige vrede wordt bereikt is het moeilijk om serieus over de oplossing van economische, maatschappelijke en andere vraagstukken te spre-ken. Juist dezer dagen worden intensieve onderhandelingen gevoerd tussen vertegenwoordi-gers van de kroatische autoriteiten en de servische opstandelingen, en ook wordt er sterke druk op de Serviërs in Bosnië en Herzegovina uitgeoefend om in te stemmen met een politieke oplossing die alle partijen tevreden zou stellen en die dan vrede zou kunnen brengen. De bosnische Servirs hebben het plan van de internationale contactgroep afgewezen, en noch de Serviërs uit de bezette gebieden van Kroatië noch het regime van Milosevic hebben tot nu toe enige bereidheid getoond om te praten over de wijze waarop de bezette gebieden gereintegregreerd kunnen worden in de rechtsorde van de kroatische staat. Het servische regime is bereid de verhoudingen met Kroatië te normaliseren; maar als zij over Kroatië spreken denken ze alleen aan het gebied dat de kroatische regering momenteel controleert en niet aan de zogenaamde UNPA-zones en "roze zones" - ofwel een kwart van het kroatische grondgebied. Mijn standpunt is dat het geen enkele zin heeft de gesprekken met de servische kant voort te zetten zolang Servië Kroatië bi-nnen de internationaal erkende grenzen niet erkent, en evenzo Bosnië en Herzegovina. Daarom staan we achter de beslissing van onze minister van buiten-landse zaken om niet deel te nemen aan de gesprekken van afgelopen vrijdag in Belgrado zolang aan deze voorwaarde niet is voldaan. De situatie in ons vaderland wordt de laatste dagen bemoeilijkt door het feit dat de opstandige Serviërs uit de bezette gebieden deelnemen aan de militaire acties op het territorium van Bosnië en Herzego-vina. Dit is eigenlijk het beste bewijs van het volledige échec van de acties van de VN en van de missie van de VN-troepen in Kroatië. Want niet alleen hebben ze de paramilitaire formaties in het gebied waar deze troepen van de UN zijn gestationeerd, niet ontwapend, deze paramilitaire formaties hebben zelfs de kracht om het territorium van een andere staat aan te vallen. Het kroatische parlement heeft aan de troepen van de UN de termijn van 10 januari 1995 gesteld om hetzij een begin te maken met de realisering van de taken uit het plan waarmee ze naar Kroatië zijn gekomen, hetzij het grondgebied van de Republiek Kroatië te verlaten. We vinden het van groot belang dat er op dit punt volledige eensgezindheid bestaat tussen alle kroatische po-litieke partijen, zowel die in het parlement als die buiten het parlement. Het is reëel om te verwachten dat het parlement voor 10 januari, als er zich geen wezenlijke veranderingen voordoen, deze beslissing zal bevestigen en het mandaat aan de VN-troepen op het gebied van Kroatië zal opzeggen. Als zeer positief be-schouwen we de beslissing van president Clinton om het embargo op het zenden van wapens naar Bosnië en Her-zegovina op te heffen. En bijzonder positief beschouwen we eveneens de samenwerking van het kroatische leger en het moslim leger in Bosnië en Herzegovina op meerdere plaatsen, met name ook bij de recente bevrijding van Kupres en delen van de regio Kupres. Op dit moment is het erg moeilijk om te zeggen of de weken en maanden die voor ons liggen, weken en maanden van hernieuwd oorlogsgeweld zullen zijn of van een beslissende wending naar vrede. Dat hangt niet op de eerste plaats af van Kroatië, maar van het regime van Milosevic en van de servische opstandelingen in Bosnië en Herzegovina en Kroatië. Er valt heel wat aan te merken op de kroatische regering, maar geenszins dat ze niet coöpera-tief was tegenover de internationale politieke instanties, noch wat betreft de tegemoetkomende houding t.o.v. de servische minderheid in de bezette gebieden. Daarbij denk ik aan de wet op de abolitie en aan de bepalingen in de grondwet over de rechten van de nationale minderheden. Op dit moment wachten we op het antwoord van de andere kant op deze uitgestoken hand. Het plan van de internationale gemeenschap voor Bosnië en Herzegovina is in hoofdlijnen bekend. Minder bekend, waarschijnlijk omdat het nog niet klaar is, is het plan van de internationale gemeenschap voor Kroatië. Binnenkort kan men de bekendmaking van dat plan, dat de titel "plan B" of "plan Z 4" draagt, tegemoet zien. Die termen zullen binnenkort veel gebruikt worden. Wat we tot nu toe weten is, dat het plan de territoriale integriteit van onze staat waarborgt en dat het opheffen van de sancties gekoppeld wordt aan het proces van de reintegratie van de bezette gebieden in de rechtsorde van de kroatische staat. Echter waar het het niveau van de territoriale autonomie van de servische gemeenschap in Kroatië betreft, zijn de menin-gen van de landen uit de internationale contactgroep verschillend. Nog altijd is het document niet in zijn definitieve versie vastgesteld, zodat ik u niet kan zeggen wat het definitieve plan is met betrekking tot het niveau van de autonomie. De kroatische staat zal er echter op insisteren - en daarover bestaat geen verschil tussen de politieke partijen - dat de Serviërs in Kroatië alleen territoriale autonomie kunnen krijgen in die gebieden waarin ze vóór het uitbreken van de oorlog een absolute of relatieve meerderheid hadden, en dat is het gebied van de regios Knin en Glina en niets meer. Er zijn helaas geruchten dat sommige landen een oplossing nastreven waarbij heel Baranja en Oost-Slavonië een grote mate van territoriale autonomie krijgen, en daarenboven voor een bepaalde periode, variërend van twee tot zelfs acht jaar, onder internationale controle gesteld worden, waardoor het proces van reintegratie van deze gebieden in de rechtsorde van de kroatische staat wordt verlengd. Dat is voor ons geheel onaanvaardbaar. Het is geen geheim dat Rusland achter zulk concept staat. In de volgende weken zal blijken hoe groot de eensgezindheid van de contactgroep, van de be-langrijkste en machtigste landen van de wereld, is; of ze nog altijd aan een gemeenschappelijk plan voor Kroatië en Bosnië en Herzegovina kunnen vasthouden, of dat de beslissing van de Amerikaanse president Clinton de contactgroep zal splijten. Het zou mij natuurlijk veel liever zijn als ik me op een optimistische toon tot u zou kunnen richten, maar ik wil erop wijzen dat Kroatië misschien nog hele zware beproevingen te wachten staan en dat we ook op het ergste voorbereid moeten zijn. Het is heel moeilijk om dat te zeggen tegen een volk dat tot nu toe al zo veel te lijden heeft gehad onder de groot-servische agressie. Het is duidelijk dat men over geen enkel ander maatschappelijk en economisch probleem in Kroatië kan spreken buiten deze algemene militaire en politieke context. Staat u me toe dat ik toch enkele woorden wijd aan onze economische en binnenlands-politieke situatie los van het eerste thema. Reeds enkele jaren wordt in Kroatië met redelijk succes een programma voor economisch herstel doorgevoerd. Kroatië is er in geslaagd de waarde van de nationale valuta te versterken, de inflatie terug te brengen tot nul, de binnenlandse convertabiliteit van de kuna te realiseren, de deviezen-reserve aanmerkelijk te vergro-ten. Nu hopen en verwachten we een verdere integratie in enkele europese programma's. We verwachten binnenkort opgenomen te worden in het PHARE-programma. Van de internationale bank, de Wereldbank, hebben we een krediet van 125 miljoen dollar gekregen voor de wederopbouw. Met het IMF hebben we een intentieverklaring ondertekend. Het proces van de geleidelijke integratie van Kroatië in de economische en politieke relaties van Europa en de wereld, zet zich dus voort, nadat het tot staan gekomen was door de verwikkeling van Kroatië in Bosnië en Herzegovina. De overeenkomsten van Washington hebben aan dat isolement van Kroatië een ein-de gemaakt, en op dat gebied ontwikkelen de zaken zich in een tamelijk goede richting. Immens zijn de pro-blemen in Kroatië voor wat betreft de privatisering van het voormalige maatschappelijk eigendom. Geschat wordt dat van het totale maatschappelijke eigendom tot op heden slechts 3 of 4% geprivatiseerd is. Bovendien kampen de bedrijven in de publieke sector en de banken met grote verliezen. Wat de politieke situatie en de politieke krachtsverhoudingen in Kroatië betreft, zijn we met de situatie in het parlement iets meer tevreden dan voorheen. We menen dat het parlement een steeds belangrijkere rol in het politieke leven inneemt, hoewel nog lang niet in de mate waar de kroatische liberalen naar streven. Wij streven immers naar een parlementair en niet naar een half-presidentieel [democratisch] systeem. In Kroatië bestaat er bij de heersende partij een sterke tendens zich te identificeren met de staat en het vaderland. Vaak worden daarbij methodes gebruikt die niet democratisch genoemd kunnen worden. Wat de positie van de mensenrechten betreft kan men, hoewel er nog veel moet verbeteren voordat Kroatië in dat op-zicht het niveau van de west-europese landen heeft bereikt, tamelijk tevreden zijn. Dat geldt ook voor de vrijheid in de media, die er in voldoende mate is, waar het de kranten betreft. De oppositie kan haar mening tot uitdrukking brengen, ongeacht de mate van kritiek op de autoriteiten. Maar bij de staatstelevisie is sprake van een overdreven monopolie van de heersende partij. Samenvattend, wij zijn een land met grote problemen, maar ik ben er van overtuigd - en ik geloof dat de meerderheid van de vertegenwoordigers van de andere oppositie-partijen daarvan eveneens overtuigd is - dat de democratische weg in Kroatië verzekerd is, en dat het eigenlijk ook niet reëel was om te verwachten, dat we de grote economische en politieke problemen die verbonden zijn met de overgang van een communistisch systeem naar een democratische maatschappij in een korte tijd zouden kunnen oplossen. In de processen van de verandering van Kroatië in een volledig democratisch land waarin de mensenrechten en de rechtsorde gerespecteerd worden, waarin het economische en politieke leven zich voltrekt volgens de standaarden die de westerse wereld heeft ontwikkeld, is voor de Kroaten die leven in het buitenland - op grond van hun kennis, ervaring en invloed - een grote rol weggelegd. Dat u zich hier in Nederland daarvan terdege bewust bent blijkt wel uw deelname aan de acties, zoals de Stichting Nederland-Kroatië die organiseert, en uit uw opkomst bij lezingen van sprekers die uit het vaderland komen...

Drazen Budisa is lid van het Kroatische parlement, voorzitter van Kroatische Sociaal Liberale Partij (HSLS). De lezing is gehouden op de jaarlijkse ontmoeting van donateurs en sympathisanten van de stichting op 13 november 1994 te Zevenbergen.